Huiswerk bovenbouw

Vanaf groep 4 wordt dus regelmatig huiswerk meegegeven. Voornamelijk spelling (wekelijks). De belangrijkste reden hiervoor is het wennen aan de regelmaat. Uiteindelijk zullen kinderen in het voortgezet onderwijs elke dag thuis aan de slag moeten. In het begin valt het leren thuis (woordenpakket, aardrijkskunde) zeker niet mee. Hoewel we op school de kinderen vertellen hoe ze aan een huiswerkopdracht moeten (of kunnen) werken, zullen ze het toch zelf moeten doen. Elk kind moet z’n eigen systeem vinden: het moet leren leren. Uw hulp is, zeker in het begin, niet onverstandig. Hoeveel tijd een kind aan huiswerk moet besteden, hangt natuurlijk af van de opdracht maar ook van het kind zelf. Vaste regelmaat, op een vaste tijd van de dag (bijvoorbeeld elke dag om vijf uur of direct na het eten) geeft de beste resultaten. Verder is een belangrijke regel: beter vijf keer tien minuten dan één keer drie kwartier.

We hebben op “De Wegwijzer” een opbouw gemaakt in de hoeveelheid huiswerk. In groep 5 krijgen kinderen, naast wekelijks huiswerk voor spelling, iedere maand huiswerk voor wereldoriëntatie. Vanaf groep 6 wordt iedere week huiswerk meegegeven voor wereldoriëntatie. Vanaf groep 7 komt daar Engels bij. In groep 8 hebben de kinderen ook huiswerk voor staatsinrichting.

Individueel huiswerk

Het komt voor dat een kind extra huiswerk krijgt. Uiteraard is er een tijd van spelen en een tijd van leren, maar extra huiswerk is soms nodig. Dit individueel huiswerk is met name gericht op de basisvaardigheden zoals rekenen, spelling en lezen.

Spreekbeurt, boekbespreking, werkstuk

Vanaf groep 5 houden alle kinderen één keer per jaar een spreekbeurt. Vanaf groep 6 houdt iedereen één keer per jaar een spreekbeurt en een boekbespreking. Kinderen van groep 7 en 8 moeten daarnaast ieder jaar één werkstuk thuis maken.