Hoe kinderen leren

Kinderen ontwikkelen zich van nature. Op school worden de kinderen uitgedaagd en gestimuleerd om steeds iets nieuws te ontdekken.

De aanpak bij de kleuters verschilt van die bij kinderen in de andere groepen. Vanuit de kring gaan de kleuters aan het werk of spelen en in dezelfde kring keren ze daarna weer terug. De activiteiten vinden plaats aan tafels, in de hoeken, in het speellokaal, in de zandbak of op het schoolplein.

Jongste en oudste kleuters zijn in “De Wegwijzer” zodanig gegroepeerd dat rekening is gehouden met het ontwikkelingsniveau. De leerlingen die belemmeringen ondervinden, worden evenwichtig verdeeld over de groepen. Bij de jongsten ligt de nadruk op het wennen om naar school te gaan, wat overloopt naar een steeds meer sturende rol van de leerkracht in groep 2.

Er is veel aandacht voor gewoontevorming en regelmaat. Leren gebeurt vooral door spelen. De ontwikkelingsgebieden komen thematisch aan de orde, bijvoorbeeld de bakker, de seizoenen, ziek zijn.

Op het rooster worden verschillende leer- en vormingsgebieden onderscheiden. Dit is in de groep voor de leerlingen nauwelijks merkbaar. Een kleuter die in de poppenhoek speelt, is bezig met taalontwikkeling. Wie met lotto speelt, leert getallen en kleuren. En wie de golven van de zee tekent, is druk bezig met voorbereidend schrijven.
Er is veel aandacht voor taalvorming, omdat dit de basis is voor een succesvolle basisschoolloopbaan.

Zodra een kind vier jaar is, mag het naar de basisschool. Meestal is daaraan vooraf een peuterspeelzaalperiode afgerond. De vierjarige begint dan aan een ononderbroken ontwikkeling in de basisschool.