Leerlingvolgsysteem

Van iedere leerling wordt de ontwikkeling bijgehouden en geregistreerd in het leerlingvolgsysteem Parnassys.

a) In de onderbouw gebeurt dit met behulp van observatielijsten en (Cito)toetsen van verschillende ontwikkelingsgebieden voor jongste en oudste kleuters.

b) Vanaf groep 3 met behulp van methodegebonden- en Cito-toetsen voor de vakken lezen, spelling en rekenen. Deze gegevens worden verwerkt met de computer, waarna er een ontwikkelingscurve te zien is, die aangeeft hoe de ontwikkeling zich verhoudt tot een landelijke norm.

c) In groep 7 aan het eind van het jaar de CITO-entreetoets ter voorbereiding van groep 8.

d) In groep 8 met behulp van de landelijke CITO-eindtoets Basisonderwijs.

e) In een groepsmap worden de verschillende belangrijke gegevens van de kinderen bewaard. Dit zijn onder andere gegevens van gezin, leerlingbesprekingen, handelingsplannen, toetsen en rapportages. De privacy blijft hierbij gewaarborgd.

f) Drie keer per jaar vinden groepsbesprekingen plaats en drie keer per jaar vinden leerlingbesprekingen plaats. Daarnaast wordt er zes keer per jaar in bouwvergaderingen leerlingen met specifieke zorgbehoefte besproken. Inschakeling van een remedial teacher behoort tot de mogelijkheden. De remedial teacher voegt naast de inspanningen van de leerkracht iets toe aan de ontwikkeling van kinderen met een achterstand. De intern begeleider stuurt de leerlingenzorg aan en coacht de leraren en de remedial teacher.

Over de ontwikkeling van kinderen kan regelmatig worden gepraat door ouders en leerkracht(en) tijdens praatmiddagen en tijdens het rapportencontact.